Kerl & Leven .
Ilse van Halst

"Schoonheid is de moeder van alle ethiek"

22 juni 2016

Hij ziet er moe uit, maar is zichtbaar tevreden en trots op zijn werk. Drie dagen lang schilderde Herman Van Veen monumentale drieluiken in de Sint-Anna-ten-DrieŽnkerk in Antwerpen. Vrijwilligers zijn nog druk doende de verf te drogen. Wat verderop ligt een verloren haardroger op de grond. Van Veen raapt hem op en gekscheert: Hoe doet James Bond dat nu ook weer? Om dan als een volleerde 007 in de camera te kijken.


Waarom niet?, antwoordde u op de vraag of u wilde exposeren in de Sint-Anna-ten-DrieŽnkerk. Waarom wel?

Herman van Veen ē In kerken stap je als bezoeker in een energie die ongelooflijk veel vertelt over de mens als soort, over onze hoop en onze angst, onze zekerheden en onzekerheden. Je voelt er wat we met elkaar waren of zijn.
Een kerkgebouw is in mijn ogen even onontbeerlijk als een theater, omdat het een verbeeldingsplek is. In een theater toont de mens zijn verbeelding in vorm, in een kerk in hoop, of in een troost. Kerken zijn wezenlijke plekken in een hectische tijd. Toen ik er aan het werk was, liep een Servische vrouw in nood binnen. Een van de aanwezigen ving haar op. Die ene persoon is voldoende om die ruimte onmisbaar te maken.

Heeft geloof een plaats in uw leven?

Herman van Veen ē Ik ben geen gelovig man, maar met mijn hele wezen begrijp ik dat het bestaan niets anders is dan het stellen van vragen. Slechts op het moment dat jouw ene vraag beantwoord wordt, ben je klaar voor een volgende. En die reis is oneindig. Daarin is de godsvraag hoogst interessant. Niemand kan anders dan hypothetisch het godsgevoel bevestigen. Als ik schilder, weet ik niet meer wie wat schildert en daar voel ik me best ongemakkelijk bij. Vaak denk ik: Het schildert.

Ik wil vooral duidelijk maken dat het leven een wonder is. Je gaat er best zorgzaam mee om.

Daarbij doet alles ertoe, ook de godsgedachte en de afwezigheid ervan. Als iemand troost vindt in de dood omdat hij denkt dat er hem achter die dood een reis wacht naar een koestering, is dat prachtig. Wat een soenniet en een sjiiet, die in eenzelfde God geloven, elkaar aandoen vanuit dat geloof, is minder fraai. Ik heb een dochter die gehuwd is met een katholieke vrouw, die graag in de kerk had willen trouwen. Dat kan dus niet. Dan wil ik graag het adres van die God, want dan wil ik eens met Hem praten.

Alles wat ik heb, heb ik gekregen van een ander. Alles wat ik heb, geef ik aan een ander, zingt u. Is dat de drijfveer van uw engagement voor de rechten van het kind?

Herman van Veen ē Als oorlogsbaby zou ik er niet zijn geweest zonder hulp van de geallieerden. Van kinds af legden mijn ouders ons uit er voor elkaar te zijn. Zo engageerde ik me op mijn zeventiende bij Unicef. Door de jaren raakte ik ervan overtuigd dat het antwoord eenvoudig is als je deze wereld op orde wil krijgen: respecteer de kinderen. Als je de rechten van het kind wereldwijd consistent beschermt en uitvoert, heeft geen enkele dictator nog een kans.

Vaak klinkt een maatschappijkritische noot in uw liedteksten. Betekent creatief zijn voor u meer dan mensen entertainen?

Herman van Veen ē Mijn uitgangspunt is esthetiek. Schoonheid is de moeder van de ethiek. Wie het schone ziet, krijgt zin om het goede te doen. Meteen blijven schilderen en musiceren ook iets ontzettend persoonlijks. Je uit een combinatie van onzekerheid, angst, fascinatie en geluk terzelfder tijd. Het is een spel van contrasten. In Sint-Anna-ten-DrieŽn wilde ik een balans creŽren tussen wat er is en voegde ik er op mijn manier iets aan toe dat, zelfs als je het straks wegneemt, er nog zal zijn. Dan heb je het over geest. Of over sfeer, om in muziektermen te spreken. .

Heeft u een vast omlijnd plan voor ogen als u scheppend bezig bent? Waaruit put u inspiratie?

Herman van Veen ē Ik ontdek al doende. Net daarom was het avontuur in de kerk zo spannend. Ik schilderde drie dagen en lag drie nachten wakker. Als ik een probleem heb, artistiek of privť, krijg ik dat op orde tussen het ontwaken en het opstaan. In dat uurtje heb ik een helder inzicht. Dan krijg ik antwoorden door mijn ogen te openen terwijl ik nog slaap, vragen te stellen en goed te luisteren. Er is altijd een antwoord: Vraag het aan de wind.

Dat kostbare moment benut ik ook om Ė op mijn manier Ė te bidden voor vrienden die ernstig ziek zijn.
Het mooiste moment van de dag besteed ik aan hen om hen de kracht te sturen om door dat dal heen te komen.
Het heeft te maken met een manier van ontvankelijk zijn en de beelden die op je afkomen niet weg te zetten, maar erover na te denken. Zo beÔnvloedde het beeld van Maria in Sint-Anna-ten-DrieŽn mijn schilderen, omdat zij me zo vertrouwd is. Ze herinnert me aan een lieve oude vrouw die me ooit een eenvoudig Mariabeeldje gaf als aandenken, dat sindsdien een vaste stek heeft in mijn vioolkist. Nooit ga ik het toneel op zonder het een zoen te geven. Dus richtte ik me, schilderend, af en toe tot haar: Hoe zou u dit nu aanpakken? Ik geneer me daar niet voor. En dan laat ik me leiden.



Ilse van halst . Gepubliceerd op woensdag 22 juni 2016 - 9:49 . ?close .