Henk Langenhuijsen schreef 9 februari voor de Brabant Pers (Eindhovens Dagblad en Brabants Dagblad)

Herman van Veen toont liefde voor het vak


"Zouden ze ons nog wel kennen?", vraagt Herman van Veen zich af bij de eerste van een nieuwe serie voorstellingen in Nederland. Een kleine vijf jaar zijn verstreken sinds zijn laatste tournee op eigen bodem. Toen ging ik niet voor hem door de knien, omdat de show een gemakzuchtige indruk maakte en glans miste door een gebrek aan verrassingen en een routineus teruggrijpen op bekende hoogtepunten. In het buitenland had de clown met dat tedere gevoel wel succes in onder meer Berlijn, Wenen, Parijs, Londen en New York. Nederland is geen gemakkelijk land voor hem, maar met deze show zal hij ontegenzeggelijk bewondering en respect oogsten.
foto: chris janssen 1997 De afgelopen 25 jaar heeft Van Veen (geboren in '45) een indrukwekkend arsenaal aan mooie teksten, liedjes en versjes bijeen gebracht. Het siert hem dat hij niet naar willekeur graait in deze schatkist om zijn publiek te paaien. Pas in de toegift laat hij de teugels vieren en zingt flarden van hits als Hilversum III, Opzij, opzij en Spetter pieter pater, het lijflied van Alfred Jodocus Kwak.
Ook in de show zitten wel bekende nummers, zoals 'Liedje' van Judith Herzberg, maar voor mooie herinneringen is Van Veen kennelijk niet gekomen. Het onsterfelijke 'Liefde voor later' wordt halverwege al afgebouwd en een ander lied, 'Kusje', krijgt niet meer dan n minuut. Van zijn laatste Nederlandstalige cd 'Voor wie anders' ('93) zingt hij slechts het navrante 'Grand Hotel Deutschland'.
Opvallend nieuw materiaal dus, waarvan de bijdragen van tekstdichter Willem Wilmink in het oog springen, evenals een welgemeende ode van eigen hand aan 'meneer Jacques Brel' ("Ik zong u goed een kwart eeuw lang"), gevolgd door een vertolking van Brels 'Marieke'.

Vondsten

De show, zoals altijd groots begeleid door Erik van der Wurff en Nard Reijnders, kent een hoog muzikaal gehalte. Voor de pauze vormen Van Veens grappen dikwijls niet meer dan korte intermezzi of een relativerende knipoog, terwijl er na de pauze meer ruimte is voor de bevrijdende lach in onder meer een komisch duet met saxofonist Reijnders en een speelse interpretatie van 'My way'.
Het is een gevarieerd en goed verzorgd programma, wat nog eens versterkt wordt door een aantal beeldrijke vondsten. Humor, ernst en ontroering weet Van Veen soepel in balans te houden. Hem beschuldigen van sentimentaliteit, zweverigheid of quasi-diepzinnigheid klinkt achterhaald. Van Veen blijft dicht bij zichzelf en komt oprecht en helder over. Het gemak waarmee hij overschakelt van de ene naar de andere sfeer tekent zijn vakmanschap en zijn enorme podiumbeheersing.
Volgens Van Veen kunnen we de wereld, die niet altijd mooi is, een beetje mooier kleuren wanneer we ondanks cynisme, het geweld en de kou, een liefdevol gevoel bewaren. Daar valt weinig aan af te dingen. Met deze nieuwe show toont de harlekijn ons alvast zijn grote liefde voor het vak.


Henk Langenhuijsen



terug naar de index